Veelgestelde vragen

Basisonderwijs is onderwijs voor kinderen vanaf 4 tot en met 12 jaar. Dit onderwijs wordt gegeven op basisscholen en scholen voor speciaal onderwijs. Speciaal onderwijs is bedoeld voor kinderen die extra zorg nodig hebben, zoals kinderen met een beperking of leer- of gedragsproblemen.

Scholen voor basisonderwijs kun je indelen op basis van de richting (grondslag):

  • Openbaar onderwijs: het onderwijs is niet gebaseerd op een levensovertuiging.
  • Bijzonder onderwijs: het onderwijs gaat uit van een godsdienstige of levensbeschouwelijke overtuiging. Denk aan protestantse, katholieke, islamitische, joodse of vrije scholen.

Daarnaast is het mogelijk basisscholen in te delen op basis van inrichting (visie op onderwijs en opvoeding):

  • Traditioneel onderwijs
  • Algemeen bijzonder onderwijs (bijvoorbeeld: montessorischool, daltonschool, jenaplanschool)

Deze indelingen bestaan naast elkaar. Er bestaan dus bijvoorbeeld openbare of katholieke daltonscholen.

Lees meer over schooltypen in het basisonderwijs op de website van de Rijksoverheid.

Voortgezet onderwijs is voor kinderen vanaf 12 jaar. Het bestaat uit de volgende schoolsoorten die van elkaar verschillen in niveau en duur:

  • Praktijkonderwijs: 4 jaar
  • Voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs (vmbo): 4 jaar
  • Hoger algemeen voortgezet onderwijs (havo): 5 jaar
  • Voorbereidend wetenschappelijk onderwijs (vwo): 6 jaar

Op sommige scholen worden alle schoolsoorten aangeboden en op andere scholen maar één of enkele schoolsoort(en).

Qua grondslag zijn scholen voor voortgezet onderwijs in te delen in openbare scholen en bijzondere scholen (zoals katholieke of joodse scholen). Zowel openbare als bijzondere scholen kunnen soms het onderwijs ingericht hebben vanuit een bepaalde visie. Denk aan montessori-, jenaplan- of daltonscholen.

Tot slot is het nog mogelijk dat scholen zich specifiek richten op bepaalde groepen kinderen. Denk aan speciaal onderwijs of tweetalig onderwijs.

Lees meer over schooltypen in het voortgezet onderwijs op de website van de Rijksoverheid.

Tekortvakken zijn vakken waarvoor een opvallend tekort is aan leraren. In het voorgezet onderwijs van Amsterdam gaat het om de vakken: informatica, wiskunde, scheikunde, natuurkunde, Nederlands, Engels, Duits, Frans en klassieke talen.

Het speciaal onderwijs is bedoeld voor kinderen die niet terechtkunnen op een reguliere basis- of middelbare school. Bijvoorbeeld omdat ze fysiek of verstandelijk beperkt zijn. Er is speciaal onderwijs voor kinderen van de basisschoolleeftijd (afgekort met sbo of simpelweg so) en speciaal onderwijs voor kinderen van middelbare schoolleeftijd (afgekort met vso). Binnen het speciaal onderwijs zijn er 4 verschillende clusters:

  • Cluster 1: visueel gehandicapte kinderen of meervoudig gehandicapte kinderen met een visuele handicap.
  • Cluster 2: dove of slechthorende kinderen, kinderen met ernstige communicatiemoeilijkheden of meervoudig gehandicapte kinderen die een van deze handicaps hebben.
  • Cluster 3: lichamelijk gehandicapte kinderen, zeer moeilijk lerende kinderen (ZMLK) en langdurig zieke kinderen met een lichamelijke handicap, of meervoudig gehandicapte kinderen die een van deze handicaps hebben.
  • Cluster 4: zeer moeilijk opvoedbare kinderen (ZMOK), kinderen met gedrags- en/of psychiatrische stoornissen, zoals ADHD, PDD-NOS, ODD, CD (antisociale gedragsstoornis), klassiek autisme, Gilles de la Tourette of hechtingsproblematiek.

Als je nu een hbo- of wo-opleiding volgt, zijn er genoeg mogelijkheden om je voor te bereiden op het leraarschap. Vaak is het daarbij ook al mogelijk om begeleid voor de klas te staan. De mogelijkheden zijn afhankelijk van de opleiding die je volgt.

Hbo

Volg je de pabo of een lerarenopleiding? Dan zijn stages onderdeel van je opleiding. Tijdens deze stages ervaar je hoe het is om voor de klas te staan. Tijdens de pabo kun je vaak ook al betaald voor de klas staan als onderwijsassistent.

Universiteit

Als je een wo-bachelor volgt in (de richting van) een schoolvak, kan je vaak een educatieve minor doen. In Amsterdam kan dat zowel aan de VU als de UvA. Deze minor duurt zes maanden en geeft je na afloop direct een beperkte tweedegraads bevoegdheid. Dat betekent dat je voor de klas mag staan in het vmbo-t en de eerste drie klassen van de havo en het vwo.

Check wel eerst in de verwantschapstabel van de overheid of de inhoud van je bachelor aansluit op het vak waarin je les wilt geven.

Op dit moment probeert de gemeente om sociale huurwoningen en middeldure huurwoningen te vinden voor (toekomstige) leraren die 28 jaar zijn of ouder. Eerder zijn er woningen met voorrang beschikbaar gesteld voor startende leraren. Kijk voor actuele informatie op: www.amsterdam.nl/leraarworden. Of stuur voor meer informatie een mail naar: wonen@leraarinamsterdam.nl.

Op onze vacaturepagina vind je een overzicht van de vacatures in de gemeente Amsterdam. De helpdesk bemiddelt niet bij je sollicitatie op deze vacatures of bij het vinden van werk- en leertrajecten. Neem hiervoor contact op met De Brede Selectie (openbaar basisonderwijs) of het Schoolbureau (basisonderwijs en tekortvakken voortgezet onderwijs). Of informeer zelf bij scholen in je omgeving.

Persoonlijk advies nodig?

Onze helpdesk kan je helpen met vragen over jouw specifieke situatie.

Neem contact met ons op